Een Amerikaanse uitgever verkoopt ruim $55 miljoen per dag aan advertentieruimte naast gratis content. Er is geen redactie, hij betaalt geen enkele fotograaf en hij heeft ook geen vormgevers in dienst. De publicatie wordt gratis wereldwijd verspreid, met ruim 25% winst.
Het is by far het mooiste voorbeeld van een open source verdienmodel: $1,3 miljard dollar per kwartaal winst maken met 100% vrije content. Want dat is open source: vrije content. Vrij te gebruiken, en vaak zelfs gratis verkrijgbaar, bronmateriaal. Open source is een gigantische hoeveelheid code, tekst en beeldmateriaal die zomaar voor het oprapen ligt. Op het wereldwijde web.
Voor de Hogeschool Rotterdam verzorgde ik laatst een workshop met de titel ‘Open Source; hoe kun je geld verdienen met iets dat gratis is?’. En daarbij kwam Google – de uitgever waarover ik het hierboven had – vanzelfsprekend uitgebreid aan bod. Maar ook een hele mik andere bedrijven die hebben ontdekt dat content slechts grondstof is, en software de raffinaderij.
Software is in het afgelopen decennium veranderd van werkpaard in onderscheidende factor. Tekstverwerkers en spreadsheets bestaan nog steeds, maar kijk eens naar wat er allemaal is bij gekomen. De grootste uitgever ter wereld publiceert geen content meer, maar maakt het vindbaar en interactief. iTunes verkoopt meer muziek dan iedere andere on- en offline Amerikaanse outlet, dankzij de prachtige, intuïtieve interface. Fotocamera’s onderscheiden zich niet meer met lenzen en sluitertijden, maar met software die automatisch op personen scherpstelt, en afdrukt zodra iedereen vrolijk kijkt. De verkoop van wegenkaarten stort in dankzij een apparaatje dat automatisch de weg voor je vindt, Philips kleurt lampen met software en zelfs tandenborstels verworden tot ‘mondverzorgingssystemen’ vol software en draadloze displays.
En wat er om ons heen gebeurt, verandert natuurlijk ook onze reclamewereld. Ook hier is software geen hulpmiddel meer, maar een usp. Websites met knappe software zijn succesvoller dan die met praatjes en plaatjes. Modeshows met interactieve 3D-projecties trekken meer aandacht dan die met mooie modelletjes. En commercials waarin je zelf online kunt meespelen nestelen zich dieper in de koopcortex dan duizendmaal herhaalde kijk-commercials.
Content was king
Ik in Adformatie:
Een Amerikaanse uitgever verkoopt ruim $55 miljoen per dag aan advertentieruimte naast gratis content. Er is geen redactie, hij betaalt geen enkele fotograaf en hij heeft ook geen vormgevers in dienst. De publicatie wordt gratis wereldwijd verspreid, met ruim 25% winst.
Het is by far het mooiste voorbeeld van een open source verdienmodel: $1,3 miljard dollar per kwartaal winst maken met 100% vrije content. Want dat is open source: vrije content. Vrij te gebruiken, en vaak zelfs gratis verkrijgbaar, bronmateriaal. Open source is een gigantische hoeveelheid code, tekst en beeldmateriaal die zomaar voor het oprapen ligt. Op het wereldwijde web.
Voor de Hogeschool Rotterdam verzorgde ik laatst een workshop met de titel ‘Open Source; hoe kun je geld verdienen met iets dat gratis is?’. En daarbij kwam Google – de uitgever waarover ik het hierboven had – vanzelfsprekend uitgebreid aan bod. Maar ook een hele mik andere bedrijven die hebben ontdekt dat content slechts grondstof is, en software de raffinaderij.
Software is in het afgelopen decennium veranderd van werkpaard in onderscheidende factor. Tekstverwerkers en spreadsheets bestaan nog steeds, maar kijk eens naar wat er allemaal is bij gekomen. De grootste uitgever ter wereld publiceert geen content meer, maar maakt het vindbaar en interactief. iTunes verkoopt meer muziek dan iedere andere on- en offline Amerikaanse outlet, dankzij de prachtige, intuïtieve interface. Fotocamera’s onderscheiden zich niet meer met lenzen en sluitertijden, maar met software die automatisch op personen scherpstelt, en afdrukt zodra iedereen vrolijk kijkt. De verkoop van wegenkaarten stort in dankzij een apparaatje dat automatisch de weg voor je vindt, Philips kleurt lampen met software en zelfs tandenborstels verworden tot ‘mondverzorgingssystemen’ vol software en draadloze displays.
En wat er om ons heen gebeurt, verandert natuurlijk ook onze reclamewereld. Ook hier is software geen hulpmiddel meer, maar een usp. Websites met knappe software zijn succesvoller dan die met praatjes en plaatjes. Modeshows met interactieve 3D-projecties trekken meer aandacht dan die met mooie modelletjes. En commercials waarin je zelf online kunt meespelen nestelen zich dieper in de koopcortex dan duizendmaal herhaalde kijk-commercials.
Programmeurs zijn de creatieven van de toekomst.
Labels: coding, content, iPhone
Categorie: Commentaar, iPhone | Geen reacties »